Groeiende kritiek op containerrederijen
Verladers en expediteurs hebben steeds meer kritiek op de manier waarop de containerrederijen hun tarieven proberen te verhogen. De Nederlandse verladersraad EVO heeft van een aantal leden begrepen dat sommige tarieven in de lijnvaart met 400 tot 700 procent zijn verhoogd.
Dat is op een aantal belangrijke routes mogelijk omdat de schepen sedert een paar maanden goed vol zitten. Het plaatst de reders in de voor hen comfortabele positie dat ze makkelijk lading kunnen laten staan van verladers die een tariefsaanpassing weigeren te betalen. De EVO heeft vooral een probleem met het feit dat de scheepvaartmaatschappijen de capaciteit bewust beperken. Vorig jaar hebben de reders massaal schepen opgelegd en zijn ze trager gaan varen omdat de handelsvolumes drastisch verminderd waren, maar nu er intussen weer meer lading is, behouden ze hun beperkte aanbod om op die manier de tarieven op te schroeven.
Volgens de EVO liggen de prijzen nu weer op hetzelfde niveau als voor de crisis of zijn ze zelfs hoger. Reders die in consortiaverband actief zijn, hebben het recht om af te spreken dat ze een aantal schepen opleggen, maar de EVO oordeelt dat er voldoende redenen zijn om de ‘kunstmatige’ tariefsverhogingen te laten onderzoeken door de Europese Commissie. De Europese verladersraad ESC heeft daarvoor overigens al de eerste stappen gezet.
Ook bij de expediteurs is er steeds meer onvrede over de manier waarop de rederijen hun tarieven verhogen. Er is forse kritiek op het feit dat er steeds meer toeslagen worden ingevoerd die duidelijk verkapte tariefverhogingen zijn en niet eenvoudig aan de verlader kunnen worden doorgerekend. Veel van die toeslagen beginnen met de term ‘Emergency’ zonder dat daarvoor een verklaring wordt gegeven. Expediteurs ergeren zich blauw aan het feit dat er ook in kalme periodes nog steeds een piekseizoentoeslag wordt geheven of dat reders naast een variabele bunkertoeslag ook nog een ‘Emergency bunker surcharge”invoerden.
» Terug